Volwassen Leiderschap

2. Volwassenheid vs Onvolwassenheid in jouw ROL als leiding-gever

Eerst even wat voorbeelden om een beeld te krijgen van wat er kan spelen.

Het is zondagavond en een leidinggevende krijgt bericht van een medewerker dat deze zich voor de zoveelste keer ziek meldt voor de volgende dag. Je kan nu met je ogen rollen, zuchten en een geïrriteerd bericht terug sturen. Of een belerend/hautain/denigrerend bericht terug sturen.

Dat kan! Of.. Je kan je bewust worden van welke pijn/angst er bij jou aangeraakt wordt. Huh? De ander “doet” toch iets, waarom moet je dan naar jezelf kijken?!

Bedenk je (zonder jezelf te veroordelen) welke gedachten er in je opkomen.

Moet je het ook allemaal alleen doen?
Ben je deze medewerker te veel aan het pleasen geweest vanuit je eigen zenuwstelsel responsen?
Wat gebeurt er precies?

Volwassen leiderschap begrensd en geeft ruimte. Dat klinkt tegenstrijdig maar is heel logisch.

Het zegt bijvoorbeeld bij iemand die zich voor de zoveelste keer ziek meldt: “Wat vervelend te horen dat je ziek bent, ik zou er graag morgen even over bellen.” Of: “Wat vervelend dat je je niet goed voelt. Ik wil je toch vragen om morgenochtend even naar kantoor te komen zodat we dit face to face kunnen bespreken. Dan kan ik even met je meekijken hoe we het beste voor herstel kunnen zorgen.”

Zo begrens je het én geef je ruimte.

Een ander voorbeeld van thuis..

Een zoon hangt op de bank met zijn telefoon. Als zijn vader vraagt of zijn huiswerk al af is, krijgt hij nauwelijks antwoord. Dat schiet zijn vader in het verkeerde keelgat!

“Jij zit ook altijd alleen maar op je telefoon, je bent lui en straks haal je allemaal onvoldoendes…” Dit schiet de puber in het verkeerde keelgat. En zo ontstaat er ruzie.

De vader wordt geraakt in zijn pijn/angst. Hij is bang dat zijn zoon er met de pet naar gooit en zijn kwaliteiten niet in gaat zetten om straks een goede baan te krijgen.

De zoon voelt zich niet vertrouwd en weet niet hoe hij moet reageren op de onvolwassen houding van zijn vader. Het voelt onveilig als vader zo uit zijn slof schiet en dit beantwoordt de zoon met een fight-response. 

Wat was volwassen leiderschap geweest?

Zijn vader had bij hem kunnen gaan zitten en zijn gedachten kunnen delen. “Hoe is het met je huiswerk? Ik heb het gevoel dat je heel veel op je telefoon zit en daarmee vergeet dat je ook nog dingen voor school moet doen. Klopt dat?” Een vraag, geen invullingen, geen aannames. De ruimte om in gesprek te gaan.

Stel dat de zoon dan alsnog niet reageert, dan is het belangrijk om te kijken en bespreken waar de verantwoordelijkheid ligt. Zo kan de zoon bijvoorbeeld zeggen: “Ik weet wat ik doe, vertrouw me nu maar, als ik blijf zitten is dat toch gewoon mijn eigen schuld, mijn blaren om op te zitten." Daar heeft hij natuurlijk een punt.

Wat wil vader voorkomen en is dat zijn les om te leren of de les van zijn zoon? Kan hij hem een beetje prikkelen en verder de verantwoordelijkheid bij hem laten? Wellicht hoort hier ooit het gesprek bij dat de zoon wel onder vaders dak woont: er zijn grenzen aan de eigen keuze mogelijkheden van een inwonende zoon. Denk bijvoorbeeld aan spijbelen, uitgaan, drugsgebruik of andere levensbedreigende zaken.

Een andere situatie..

Je bent gescheiden en je moet iets belangrijks over je kind bespreken met de andere ouder. Jullie hebben een verschillende mening of staan niet per se op goede voet met elkaar. De ander hoort niet echt wat je zegt of wilt bespreken omdat hij/zij in verwijten zit. 

Je kunt verwijten terug gaan maken, in discussie gaan etc. Maar hoe ziet volwassen leiderschap er dan uit? Hoewel jij niet de leiding-gever bent van jouw ex, kun je in deze context wel Volwassen Leiderschap tonen.

Wees je allereerst bewust van je zenuwstelsel.
Wil je terug bijten? Fight response.
Wil je gaan pleasen, pappen en nathouden? Fawn response.
Wil je de telefoon ophangen en wegrennen? Flight response. 
Bevries je en weet je niet meer hoe je moet reageren? Freeze response.

Herinner je dan wat te doen als je in een zenuwstelsel-response zit. Ga hiervoor naar deze module of maak rechtsonder een afspraak met Gewoon de tijd voor een Moment zodat we met je mee kunnen kijken.

In het kort: Maak het veilig voor jezelf.

Daarna betekent volwassen leiderschap dat het belangrijk is dat je hem/haar HOORT dat hij het bijvoorbeeld druk heeft. EN.. dat je wel stuurt: “Hier moeten we het als ouders over hebben. Geef gerust aan wanneer jij daar tijd voor hebt.”

Krijg je vaker een steek onder water, dan kun je daar maar beter niet op ingaan, omdat het daar niet over gaat. Steken onder water zijn fight-responsen van de ander. Het betekent enkel dat de ander zich onveilig voelt. 

Dat is niet jouw verantwoordelijkheid, maar je mag er wel rekening mee houden door te luisteren én begrenzing aan te geven door weer terug te gaan naar waar het wél over gaat. Je kan de ander begrenzen door te benoemen dat er nu geen gesprek mogelijk is omdat je vijandigheid (of een fight response) ervaart. Maar dat hij/zij veilig is en je open staat om te kijken waar de ander gevaar in voelt en waar je het wel samen over eens kunt zijn. Er is namelijk in alle waarschijnlijkheid wel 1 thema waar jullie het over eens zijn: het beste voor de kinderen. Zoek het punt waar jullie het samen wel over eens kunnen worden. Dit zorgt voor veiligheid bij de ander. 

Volwassenheid vs Onvolwassenheid in jouw ROL als leiding-ontvanger

We ontvangen ook leiding. Bijvoorbeeld van jouw leidinggevende. Of als je die niet hebt, dan kan een directe collega wellicht op bepaalde vlakken de leiding over een bepaald project nemen.

Leidinggevende zijn ook mensen. Mensen met een zenuwstelsel. Als jouw leidinggevende veel boos is, dan betekent dit dat hij/zij veel in een fight response zit. Of als je leidinggevende pleasend of zelfs vermijdend gedrag laat zien, dan is dat een fawn of flight repsonse.

En dus… dat hij of zij zich ergens onveilig over voelt. Absoluut niet fijn, maar wel menselijk.

Het is niet jouw verantwoordelijkheid waar jouw leidinggevende zich onveilig over voelt. Wel is het jouw verantwoordelijkheid te zorgen voor wat het met jou doet. 

Wat niet helpt is zelf reageren vanuit een zenuwstelsel-respons. Je zou misschien heel boos willen worden of misschien ga je wel automatisch pleasen. Beide niet handig en uiteraard niet fijn. 

Boosheid is een grens en die is dus logisch. Zet je die in vanuit een veilig gevoel waarin je weet; “ik mag mijn grens aangeven.” Dan is er niets aan de hand. Maar als je voelt: “En nu is het wel heel erg klaar met jou, zoek het maar uit.” Dan is het een fight response. Soms is de nuance erg klein.

Hoe geef je dan een grens aan?

Een laatste voorbeeld voordat we praktisch aan de slag gaan. Stel dat je een belangrijke afspraak in het ziekenhuis hebt. Jouw leidinggevende vraagt niet naar de uitslag of wenst je geen succes. Dan kan je verongelijkt en teleurgesteld zijn.

Deze gevoelens komen voort uit de pijn van niet gezien worden. Je mag verlangen naar altijd gezien worden, iets dat ouders ons mogen geven. Maar een leidinggevende heeft een andere rol.

Het is lief en betrokken als ze je succes wensen en even later informeren. Maar het is geen verplichting. We vullen dan vanuit eigen pijn in dat ze ons niet zien. Maar dat hoeft niet het geval te zijn.

Wat zou nou heerlijk zijn?

Als je een berichtje stuurt en zegt: “Hé ik ben bij de arts geweest en de uitslag was niet goed, ik wilde het je even laten weten. Ik maak me zorgen en dat wil ik even delen.” Dan geef je de leidinggevende de ruimte om er voor je te zijn.